In Vrij Nederland wond je je laatst op over het negeren
van jeugdschrijvers in de lijst 'Meest vertaalde schrijvers'. Het lijkt
bij jeugdliteratuur te horen, die opwinding over de geringe aandacht.
'Dat houdt het juist spannend en leuk. Het is toch zot
om een lijst te maken waarin elke schrijver wordt opgenomen, al is er maar
één boekje vertaald, en dan een hele lijst met jeugdschrijvers
over te slaan. Van mij zijn boeken vertaald in het Engels, Zweeds
en Duits. En dan ben ik nog maar een matig vertaald schrijver. Dat
mijn overigens wel vertalingen van verhalen. Jeugdpoëzie is
erg moeilijk te vertalen. Maar er is kans op een Duitse versie van 'Mijn
botjes zijn bekleed met deftig vel'. Mijn Duits is net goed genoeg
om die vertaling te controleren. Daarnaast heeft Aidan Chaimbers met mij
ook wel eens een gedicht in het Engels vertaald, dat beheers ik gelukkig
beter, maar of daar meer van komt, betwijfel ik. Mijn gedichten zijn
veel te schokkend voor de Engelse lezers. In één van
mijn boeken komt een Blootspook voor. Ja, dat gaat al veel te ver natuurlijk."
Ook hier fronsen sommigen de wenkbrauwen bij het lezen
van de bundels. De thema's dood en sexualiteit komen vrij expliciet
aan bod.
"Dat is wel een standaardreactie die ik krijg op mijn
werk. Mensen vinden de inhoud te moeilijk of de inhoud gaat hen te
ver. Maar ik hoorde laatst van een man dat hij 'Mijn botjes' voorleest
aan zijn vijfjarig dochtertje. Die snapte er natuurlijk nog niets van "maar
ze groeit er wel in", zei die vader. Mijn ervaring bij het voorlezen
voor groepen is ook dat jongeren hun eigen favoriete gedicht halen uit
het aanbod dat ik voordraag. Hun keuze is heel verschillend. Ik trek me
dan ook niet zoveel aan van wat didactici over mijn werk zeggen. Mijn themakeuze
is wel enigszins autobiografisch, maar iedereen krijgt ermee te maken.
Hoe je het wendt of keert, de dood speelt, ook op jeugdige leeftijd, een
rol in het leven. Hetzelfde geldt, hoop ik, ook voor sex."
Jouw generatie onderscheidt zich van de generatie van
Eykman en Dorrestijn. Staat er al weer een nieuwe generatie klaar?
"Eykman en Dorrestijn schreven ook al heel sterk vanuit
het perspectief van het kind. Ze schreven alleen liedjes die binnen het
kader van een tv-programma moesten vallen. Mijn gedichten hebben ook wel
een sociaal engagement, wat voor die generatie kenmerkend was, maar ze
komen toch meer voort uit het individu. Een nieuwe generatie is er helaas
nog niet. Misschien bederf ik de markt nogal. Ik bedoel, mijn bundels
zien er toch mooi en luxe uit, met tekeningen en zo. Naast zo'n bont iets
is een kale verzameling gedichten hopeloos saai. Dan zeggen uitgevers:
"Dan maar liever een Van Lieshout". Collega's hebben daar ook wel eens
kritiek op. Er zijn mensen die vinden dat poëzie door niets moet worden
afgeleid. Maar je schrijft toch wel op dat ik het voorgaande ironisch
bedoelde? Anders krijtje weer van die reacties dat ik zo arrogant ben.
Ik betreur het werkelijk dat er van sommige dichters niets nieuws meer
uitkomt en dat er weinig nieuwe namen meer worden uitgebracht door de uitgeverijen."
Coen Peppelenbos
De Agenda 28 februari 1992